WEEE vanaf 15 augustus ook voor industriële producten en componenten

23-05-2018

Let op! WEEE vanaf 15 augustus ook voor industriële producten en componenten, check of u moet voldoen!

Als u elektrische of elektronische apparatuur op de markt brengt (als producent of importeur naar de EU) wordt u mogelijk verantwoordelijk voor deze producten in de afvalfase. De richtlijn voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur AEEA of te wel de WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment) was uitsluitend bedoeld voor consumenten producten. Vanaf 15 augustus 2018 geldt deze richtlijn ook voor industriële producten en componenten.

(Definitie: "elektrische en elektronische apparatuur” of "EEA”: apparaten die afhankelijk zijn van elektrische stromen of elektromagnetische velden om naar behoren te werken en apparaten voor het opwekken, overbrengen en meten van die stromen en velden die bedoeld zijn voor gebruik met een spanning van maximaal 1.000 volt bij wisselstroom en 1.500 volt bij gelijkstroom)

Lees verder

WEEE vanaf 15 augustus ook voor industriële producten en componenten

CATEGORIEËN EEA WAAROP DEZE RICHTLIJN VAN TOEPASSING IS

De richtlijn geldt na 15 augustus voor de volgende categorieën:

  1. Warmte- of koude-uitwisselende apparatuur.
  2. Schermen, monitors en apparatuur met een scherm groter dan 100 cm2.
  3. Lampen. 
  4. Grote apparatuur (met een buitenafmeting van meer dan 50 cm), waaronder, maar niet beperkt tot: huishoudelijke apparaten; IT- en telecommunicatieapparatuur; consumentenapparatuur; lichtarmaturen; apparatuur voor het weergeven van geluid of beelden, muziekapparatuur; elektrisch en elektronisch gereedschap; speelgoed, ontspannings- en sportapparatuur; medische hulpmiddelen; meet- en controle-instrumenten; automaten; apparatuur voor het opwekken van elektrische stromen. Tot deze categorie behoren geen apparaten die onder de categorieën 1 tot en met 3 vallen.
  5. Kleine apparatuur (zonder buitenafmeting van meer dan 50 cm), waaronder, maar niet beperkt tot: huishoudelijke apparaten; consumentenapparatuur; lichtarmaturen; apparatuur voor het weergeven van geluid of beelden, muziekapparatuur; elektrisch en elektronisch gereedschap; speelgoed, ontspannings- en sportapparatuur; medische hulpmiddelen; meet- en controle-instrumenten; automaten; apparatuur voor het opwekken van elektrische stromen. Tot deze categorie behoren geen apparaten die onder de categorieën 1 tot en met 3 en 6 vallen.
  6. Kleine IT- en telecommunicatieapparatuur (zonder buitenafmeting van meer dan 50 cm).


Welke uitzonderingen zijn er?

De richtlijn geldt niet voor de volgende apparatuur:

  1. Apparatuur die is ontworpen om de ruimte ingestuurd te worden.
  2. Grote, niet-verplaatsbare industriële werktuigen.
  3. Grote, vaste installaties, met uitzondering van apparatuur die niet specifiek is ontworpen en geïnstalleerd als onderdeel van zulke installaties.
  4. Vervoermiddelen voor personen of goederen, met uitzondering van elektrische tweewielers zonder typegoedkeuring.
  5. Niet voor de weg bestemde mobiele machines die uitsluitend voor beroepsmatig gebruik ter beschikking zijn gesteld.
  6. Apparatuur die speciaal is ontworpen uitsluitend voor doeleinden van onderzoek en ontwikkeling en die alleen door een bedrijf aan een ander bedrijf ter beschikking wordt gesteld.
  7. Medische hulpmiddelen en medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek, wanneer deze hulpmiddelen naar verwachting vóór het einde van hun levensduur infectieus zijn, en actieve implanteerbare medische hulpmiddelen.

Het gaat hier om apparatuur die specifiek is ontworpen en geïnstalleerd om deel uit te maken van andere apparatuur die is uitgesloten van of niet onder het toepassingsgebied van deze richtlijn valt. En die haar functie alleen kan vervullen als zij deel uitmaakt van laatstbedoelde apparatuur:

  • Het product is géén eindproduct.
  • Het onderdeel is geïntegreerd in de apparatuur.
  • Het onderdeel is maatwerk, het is ontwikkeld om aan de vereisten van de specifieke applicatie te voldoen.
  • Het product heeft geen zelfstandige functie.

Apparaten die niet onder deze uitzondering vallen zijn onder andere een TV-paneel permanent gemonteerd aan de muur en een inbouwkoelkast. Voorbeelden van apparaten die wel onder deze uitzondering vallen zijn geïntegreerde radio's en navigatie in auto’s en schepen.

Welke verplichtingen zijn er?

  • Opgave doen van de geïmporteerde of geproduceerde elektrische apparaten en energiezuinige lampen en armaturen (aantallen en gewichten) die u op de Nederlandse markt zet, per kwartaal of per jaar (bijdrage in € aan nationaal systeem naar rato).
  • Zorgen voor registratie in het nationale register, voor Nederland: www.nationaalweeeregister.nl (eventueel via een productencollectief of een collectief inzamelsysteem).
  • Markeren van elektrische apparaten en energiezuinige lampen in de vorm van een doorgekruiste, verrijdbare afvalbak.

Wat moet u doen?

  1. Nagaan welke elektrische apparatuur u produceert.
  2. Nagaan welke elektrische apparatuur u importeert naar de EU (als 1e).
  3. Van deze producten nagaan of ze onder de categorieën vallen waarop de richtlijn van toepassing is.
  4. Van deze producten nagaan of ze onder de uitzonderingen vallen.

Als er producten resteren, moet u voor 15 augustus 2018 aan de hierboven genoemde verplichtingen voldoen.

Wilt u weten of de apparatuur en/of onderdelen die u maakt in uw bedrijf onder de AEEA vallen en hoe u de verplichtingen die dat met zich meebrengt kunt invullen, neem dan vrijblijvend contact met ons op.